TU Delft onderzoekt invloed digitalisering op democratie

In aanloop naar de gemeenteraadsverkiezingen van 2018 heeft een team onderzoekers van de TU Delft de invloed van digitalisering op de Nederlandse parlementaire democratie onderzocht. Gekeken is naar de rol van politieke micro-targeting, naar ‘bots’ en algoritmes, en naar het politieke debat op Twitter. Dit onderzoek werd mede mogelijk gemaakt door een subsidie van de staatscommissie parlementair stelsel. 

De onderzoekers concluderen dat het in vergelijking met andere landen in Nederland relatief goed gaat. Er is weinig invloed van ‘fake news’ of van ‘bots’ op Twitter, en gebruikers gaan in gelijke mate interactie aan met alle politieke partijen. Het gebruik van politieke micro-targeting is flink toegenomen, en biedt vooral aan nieuwe partijen voordelen.

Toch zijn er ook grote zorgen. Onderzoek naar het aanbevelings-algoritme van YouTube toont aan dat ‘nieuw-rechtse’ video’s drie keer zo vaak worden aanbevolen als video’s van alle andere politieke partijen tezamen. Bots richten zich voornamelijk op rechts-conservatieve partijen.

De TU Delft noemt Facebook een spin het web, maar ondoorzichtig. Het gebruik van big data modellen, trackers en persoonlijke data door bedrijven kan democratie en autonomie ondermijnen, en maakt nu al politieke micro-targeting mogelijk die ver voorbij gaat aan wat burgers acceptabel vinden. 

De onderzoekers vinden het van groot belang dat de kansen die digitalisering wel degelijk biedt voor democratie beter worden benut. Digitale platformen moeten meer verantwoordelijkheid nemen in het gebalanceerd aanbieden van politieke informatie. Daarnaast moeten politieke partijen zich digitalisering toe-eigenen door zelf te werken aan digitale omgevingen, om hun afhankelijkheid van buitenlandse commerciële spelers te beperken.

Klik hier voor het rapport.